Door het oog van de lens

‘Niet zo schreeuwen, Bertje! Dat is godverdomme hartstikke ordinair!’ Mijn woorden galmen na in het kantoor van de bankdirecteur, terwijl mijn neus wordt opgeslokt door de lens van een videocamera. Op de witte muur naast mij zie ik een projectie van mijzelf, mijn ogen gevuld met een mix van furie en schaamte. Ik voel me bijna een filmster, ware het niet dat ik om mij heen de bleke muren aantref van het verlaten schoolgebouw, waar wij ons toneelstuk mogen repeteren.

IMG_4116.JPG

Othello, die in deze moderne bewerking van Leander Zimmerman zijn legeruniform heeft omgewisseld voor een heus maatpak, staart vol ongeloof naar de twee karikaturen die net zijn kantoor zijn binnengedrongen. Onze blikken kruisen elkaar. Het wordt me meteen duidelijk dat hij zulke taal niet gewoon is. Ik vraag me af hoe bankdirecteuren vloeken. Dan draait hij zijn hoofd naar mijn man, Brabantio, die met zijn rood aangelopen hoofd nog staat na te briesen. De camera danst om ons heen. Othello en Bertje — mijn koosnaampje voor Brabantio — negeren hem alsof een lens in je gezicht de normaalste zaak van de wereld is.

Maar dat is het niet. Camera’s zitten niet in ons gebruikelijke repertoire. Wij zijn toneelacteurs. Wij performen live, het publiek op maximaal enkele tientallen meters van ons verwijderd. We hebben geleerd expressief te zijn, grote gebaren te maken. Bij elke gezichtsuitdrukking gebruiken we ons hele lichaam. Een wenkbrauw optrekken zal niet gezien worden op de laatste rij. Op een camera wel. Elk grotesk gebaar doet dan al gauw denken aan een klucht.

Een klucht is echter niet wat wij spelen. Wij spelen Othello, een van Shakespeares bekendste tragedies. Maar dan wel een eigentijdse versie, met decadente bankmedewerkers, scènes in een vliegtuig, dialogen via mobiele telefoons én een camera op onze snufferd. Die camera maakt deze Othello een toneelstuk als geen ander. Big Brother is watching us. Waar Brabantio als een briesend paard staat te tieren, filmt de camera het gefronste voorhoofd van Othello. Als Desdemona en Emilia onder het genot van een wijntje over hun vriendjes roddelen, zien we door het oog van de lens waar Emilia’s gedachten heen dwalen. Wanneer Roderigo nietsvermoedend een pact met de duivel sluit, zien we een zelfgenoegzame, duivelse grijns verschijnen op de muur. De camera laat het publiek onze diepste gevoelens zien, onze ware aard, maar bovenal: een tweede werkelijkheid. En de camera stopt niet bij de scènes op het toneel. Hij volgt ons naar de rand van het podium, waar we de zijden jasjes van onze karakters uittrekken en even gewoon acteur zijn. Elk zweetdruppeltje, elke zucht en elke scheve blik worden vastgelegd op het grote witte scherm. Niets blijft verborgen voor het publiek.

Voor ons betekent het dat we een combinatie zullen zijn van toneel- en filmacteur. Wij zullen grote gebaren moeten maken, die duidelijk zichtbaar zijn voor de verste bezoeker, afgewisseld met subtiele blikken wanneer de camera nadert. Het is een gewaagde combinatie die de uitdaging van het spelen in een Shakespeare een verdieping hoger brengt. We zullen het publiek dingen kunnen laten zien die op toneel anders nooit mogelijk waren. Stil spel is nog nooit zo krachtig geweest. Ik glimlach bij deze gedachte. Een glimlach, die zich over de hele breedte van de muur van het klaslokaal uitstrekt.

Elke twee weken schrijf ik een column voor de website van Theatergroep Gras. De columns zullen ook op deze site verschijnen. 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s